Meettechnieken: 21 Punten test

21 Punten test

21 Punten test
De 21 punten test is een oogmeetkundig model, ook wel Optometric Extension Program (OEP) model genoemd, welke zijn oorsprong vindt in de theorieën van de Amerikaan A.M. Skeffington. Volgens Skeffington ontstaat door teveel en te intensief nabijwerk een overprikkeling tussen de relatie accommodatie/ convergentie. Dit veroorzaakt onrust in de beeldverwerking en er ontstaat visuele stress wat gepaard gaat met astenope klachten ( knijpen , turen, branderige ogen, vermoeidheid en verminderde concentratie)     

Veel nabijwerken lokt een stressreactie uit welke zich uit in een ongewenste relatie tussen de accommodatie en convergentie. De accommodatie is het vermogen de ooglens via spieren in het oog boller te maken, als gevolg daarvan buigt de lens sterker en kan men op elk gewenst kijkvlak in de ruimte scherp zien (focussen). Convergentie is het vermogen om beide ogen dusdanig naar binnen te draaien dat men op het punt van het gewenste kijkvlak een enkelvoudig beeld krijgt. Normaal gesproken bevindt zich het richtpunt van de convergentie in het zelfde kijkvlak als de accommodatie, waardoor er scherp gefocust wordt met een optimaal enkelvoudig beeld. De eerder genoemde stressreactie wordt gekarakteriseert doordat de convergentie dichterbij lokaliseert dan de accommodatie, wat kan leiden tot oncomfortabel zien, vermijden van nabijwerk, of aanpassing binnen het visuele systeem.


Deze 21 punten test is vooral gebaseerd op klinisch inzicht en ervaring en heeft geleid tot het opstellen van een oogmeet cyclus volgens een vast patroon in 21 stappen. Deze procedure leidt uiteindelijk tot een lijst van gegevens m.b.t. meerdere oogfuncties welke aan specifieke normwaarden c.q. verwachte waarden moeten voldoen. Indien niet aan de verwachte waarden wordt voldaan, dan is aangetoond dat het ogenpaar visuele beperkingen heeft. Zijn deze beperkingen voor verbetering vatbaar, middels visuele trainingen en/of specifiek brillenglazen, dan is ervaring dat deze handelswijze bijdraagt tot het sterk verminderen c.q. elimineren van de klachten.



Skeffington wordt beschouwd als de grondlegger van de functionele optometrie.
Hij ontwikkelde het OEP analytisch onderzoek en middels de 21 punten groepeerde hij de bevindingen in diagnostische syndromen of casustypen. Hij zag "het Zien" als een product van de interactie van vier subprocessen zoals onderstaand in beeld wordt gebracht.

 



Indien in 1 van de subprocessen in meer of minderemate een afwijking wordt geconstateerd dan heeft dit invloed op het "Zien". Het lichaam zal hierop reageren door zich aan de situatie aan te passen. Is deze aanpassing "gelukt" dan zal er geen sprake zijn van een direct visueel probleem m.b.t. scherp zien, maar de extra energie welke deze aanpassing kost kan leidt vaak tot hoofdpijn, concentratie problemen, verminderde lees-/ schoolprestaties etc. (zie: herken de klachten).



Bel Schutte Optometrie voor meer informatie of een afpraak: 0523 - 769 049 / Adres: Zwanebloem 7 Hardenberg